Telegraaf 11 april 2006 Kees Lunshof
Minder renteaftrek slecht en oneerlijk
Telkens als de aftrek van de hypotheekrente ter discussie komt, suggereren de linkse partijen, maar ook veel wetenschappers en journalisten dat CDA en VVD op gesprekken daarover een taboe leggen. Door te spreken over het 'H-woord' suggereren tegenstanders alsof die partijen met iets heimelijk bezig zijn, wel weten dat het niet deugt, maar bang zijn voor de kiezers.
De tegenstanders van de aftrek hebben langzaam maar zeker rond dat onderwerp een sfeer geschapen die maakt dat voorstanders zich er eigenlijk over behoren te schamen. Die zijn intussen al zodanig in de verdediging gedrukt dat half Nederland, inclusief veel huiseigenaren, ervan uitgaat dat die aftrek op zijn minst beperkt zal worden. Dat is volstrekt voorbarig.
Er zijn goede redenen voor die aftrek. CDA en VVD hebben die ook, nadat eerder al het mes was gezet in de onbedoelde effecten daarvan. Ze dragen die ook uit en gaan de discussie daarover ook niet uit de weg. Het zogenaamde taboe is een politiek gemotiveerde linkse uitvinding.
Met angst voor de kiezers, zoals uitentreuren wordt beweerd, heeft hun opstelling weinig van doen. Ze geloven echter in de zinnigheid ervan en hebben daarom de kiezers beloofd er niet aan I) te tornen. Als CDA en VVD nu iets anders zouden zeggen, belazeren ze die kiezers juist. Daartoe probeert links hen ook te verlokken.
Schatkist
De eerste onzin rond die aftrek is dat hij de schatkist wel 11,3 miljard zou kosten, en dat huurders maar een schijntje krijgen. Dan wordt even niet meegerekend dat huiseigenaren samen 8,6 miljard euro afdragen in de vorm van overdrachtsbelasting, BTW op bouw van nieuwe en verbouw van oude huizen, ozb voor huiseigenaren, het eigen woningforfait en riool en waterschapsheffingen voor eigenaren.
De netto beidrage uit de schatkist is, volgens cijfers van Financiën, dus 2.7 miljard euro voor 3.252.881 huishoudens, gemiddeld circa 830 euro. De 1.015.000 huurders kregen in 2004 tezamen 1.7 miljard aan individuele huursubsidie, gemiddeld 1675 euro. Verder krijgen de huurders soms nog steun via grond subsidies, kunstmatig laaggehouden huren en belastingvrijheid voor woningcorporaties.
Ook onzin is dat alleen de rijken van de aftrek profiteren. In werkelijkheid gaat 49 procent van het voordeel naar gezinnen met een inkomen tussen 30.000 en 60.000 euro en 13 procent naar wie meer verdient dan 90.000 euro. Hun aftrek betalen ze gemiddeld door de progressiviteit in de belastingen zelf, en wordt niet, zoals Wouter Bos beweert, opgebracht door de lagere inkomens.
Wel krijgen die laatsten gemiddeld genomen door de renteaftrek een grotere korting op hun belasting dan lagere inkomens. Dat is niet per se onjuist. Zij betalen door die progressiviteit over elke verdiende euro gemiddeld ook meer belasting. Ze dragen daardoor meer dan evenredig bij aan de inkomensoverdrachten aan de lagere inkomens. Wie eenmaal het ‘linkse’ argument voor de beperking van de hypotheekrenteaftrek steunt, moet zich wel realiseren dat er aan andere aftrekposten, zoals voor de pensioenpremie, de bijzondere ziektekosten en eigenlijk ook aan inkomensafhankelijke kinderbijslag, zal worden gesleuteld. Het een leid logischerwijze tot het ander. De PvdA zegt dat ze maar een kleine stap wil doen, beperking van de aftrek tot maximaal 42% (de derde schijf) en alleen voor nieuwe gevallen. Maar als eenmaal het mes in de renteaftrek gaat, staat de deur open om er, als het weer slecht gaat met de overheidsfinanciën, opnieuw stukjes vanaf te halen. Met andere woorden, aan de onzekerheid voor huiseigenaren komt na een eerste ingreep in het systeem geen einde, wát de PvdA nu ook zegt. CDA en VVD bieden wel zekerheid. Een PvdA-ingreep zal ook grote gevolgen hebben. De huizen in het hogere middensegment en de echt dure huizen zullen in prijs dalen. Dat leidt tot vermogensverlies oplopend tot 30% voor velen, en daarmee tot lagere consumptieve bestedingen en dus tot lagere groei. Ook voor de starters en de huurders op de koopmarkt is het een slecht plan. Veel huiseigenaren zullen ongenegen zijn hun huis te verlaten, of gaan op zoek naar goedkopere huizen. Die zullen daardoor juist in prijs stijgen. Dan krijgen de starters, de huurders die wel eens een eigen woning willen hebben nooit meer een eigen huis. Dat is vervolgens funest voor de talrijke huurders die op de wachtlijsten staan. De bouw van duurdere huizen zal stagneren met werkloosheid als gevolg. Dan is er nog het onzin argument dat Europa afschaffing van de hypotheekrente aftrek vereist. De EU gaat daar echter niet over. Dat argument is erbij gesleept, net als het argument dat de lasten voor de overheid sterk zullen stijgen als de rente omhoog gaat. Niets wijst daar nu op. Dat levert bovendien de overheid extra inkomens op.
Huizenprijzen
Ook is gesuggereerd dat die renteaftrek de huizenprijzen omhoog heeft gejaagd. Dat is ten dele waar, maar dat komt ook door de lage rente, grotere erfenissen, hogere gezamenlijke inkomens en vooral doordat er voor de (huur)markt de laatste jaren, schadelijk genoeg, veel te weinig huizen zijn gebouwd. Het verhaal van de linkse partijen is dus niet eerlijk. Hun enige doel is geld weg te halen bij de hogere midden- en hoogste inkomens. Ze willen nivelleren. Maar laten ze dat dan niet doen via een achterommetje als de beperking van de renteaftrek, maar via de koninklijke weg, dus via hogere belastingtarieven. Dat is ook niet goed, maar dan strooien ze de burgers tenminste geen zand in de ogen.
|